D. Financiering
Algemeen
Terug naar navigatie - D. Financiering - AlgemeenInleiding
In de paragraaf financiering wordt de financieringsfunctie van de gemeente Krimpenerwaard toegelicht. De toelichting vindt plaats in een onderdeel algemene ontwikkelingen en een onderdeel ontwikkelingen gemeente Krimpenerwaard. Onder de algemene ontwikkelingen komen de renteontwikkelingen en ontwikkelingen ten aanzien van de wet- en regelgeving aan de orde. Het onderdeel ontwikkelingen gemeente Krimpenerwaard richt zich specifiek op de financiering, renteberekening en het voldoen aan wettelijke bepalingen van de gemeente Krimpenerwaard.
Belangrijkste conclusies
De belangrijkste conclusies uit de paragraaf financiering zijn:
- De gemeente Krimpenerwaard heeft de komende jaren te maken met een sterk oplopende financieringsbehoefte. Voor spreiding van het renterisico zijn in 2021 een tweetal langlopende geldleningen aangetrokken. Daarnaast hebben in 2025 de financieringsbehoefte afgedekt met kasgeldleningen.
- In 2025 heeft de Europese Centrale bank (ECB) 4 renteverlagingen doorgevoerd waardoor de herfinancieringsrente is gezakt naar 2,15%.
- Het saldo van de langlopende geldleningen bedraagt per 31 december 2025 € 77,0 miljoen. Er zijn in 2025 geen nieuwe leningen afgesloten. De gemiddelde rente voor de totale leningenportefeuille bedraagt per 31 december 2025 0,92%.
- De overtollige financieringsmiddelen bedragen per 31 december 2025 € 3,3 miljoen. Deze zijn risicovrij geparkeerd bij het ministerie van Financiën (schatkistbankieren).
- In 2025 is 0,5% rente toegerekend aan de activa. Door lagere rentelasten is de omslagrente bij de 2e Tussentijdse rapportage bijgesteld van 1,4% naar 0,5%.
- Er is voldaan aan de voorschriften vanuit de wet Fido (kasgeldlimiet en renterisiconorm).
- In de Financiële verordening 2024 is opgenomen dat het college eens in de vier jaar een treasurystatuut vaststelt. Het treasurystatuut Krimpenerwaard is in het eerste kwartaal 2025 geactualiseerd.
Algemene ontwikkelingen
Terug naar navigatie - D. Financiering - Algemene ontwikkelingenRenteontwikkelingen
Het voorspellen van de renteontwikkeling is een lastige opgave, zeker op de lange termijn. In onderstaand overzicht wordt de ontwikkeling van rente in de periode 2023-2025 weergegeven. Hierin is te zien dat zowel de korte als de lange rente eind 2025, na verschillen de fluctuaties, weer min of meer op het niveau van begin 2023 zitten.

De rentemarkt wordt vaak opgedeeld in de geldmarkt (geldmarktrente) en de kapitaalmarkt (kapitaalmarktrente). Hierbij wordt onder de geldmarktrente de korte rente verstaan en onder de kapitaalmarktrente de lange rente (met een looptijd vanaf 2 jaar). Euribor is het gemiddelde rentetarief waartegen een groot aantal vooraanstaande Europese banken elkaar leningen in euro's verstrekken en vormt de basis voor andere (kortlopende) rentetarieven. Als maatstaf van de kapitaalmarktrente wordt vaak naar staatsleningen gekeken.
De rente op de geld- en kapitaalmarkt wordt voornamelijk bepaald door het beleid van de Europese Centrale Bank (ECB). De ECB heeft in 2025 de rentetarieven (herfinancieringsrente) in totaal met 1% verlaagd. Met de diverse rentestappen beoogt de ECB het stagnerende economische herstel in het eurogebied te stimuleren. De inflatie in de eurozone in 2025 is gestabiliseerd rond de doelstelling van van de ECB van 2%, met schommelingen tussen 1,9% en 2,2% gedurende het jaar.
Conform wet- en regelgeving worden overtollige financieringsmiddelen ondergebracht in rekening-courant bij ’s Rijks schatkist. De te ontvangen creditrente in rekening-courant van ’s Rijks schatkist is in 2025 gedaald van 2,91% per 1 januari 2025 naar 1,94% per 31 december 2025.
Wet- en regelgeving
De Wet financiering decentrale overheden (Wet fido) en de bijbehorende ministeriële regelingen geven het bindende kader voor de uitoefening van de treasury van de gemeenten. Op grond van artikel 212 Gemeentewet is de gemeente verplicht een financiële verordening vast te stellen. In artikel 21 van de Financiële verordening gemeente Krimpenerwaard 2024 is opgenomen dat het college eens per vier jaar een treasurystatuut vaststelt en ter informatie aan de gemeenteraad aanbiedt. Conform het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) dient een financieringsparagraaf op te worden genomen in de begroting en het jaarverslag (artikelen 9, 13 en 26).
Ontwikkelingen Krimpenerwaard
Terug naar navigatie - D. Financiering - Ontwikkelingen KrimpenerwaardBeleidsvoornemen treasury
In het treasurystatuut heeft het college de kaders voor de treasuryfunctie bepaald. Het beleid van onze gemeente is erop gericht om de financieringsbehoefte zo gunstig mogelijk af te dekken. In de meerjarenbegroting 2025-2028 staat vermeld dat als er een lening moet worden aangetrokken er eerst gebruik wordt gemaakt van kortlopende geldleningen. Dit omdat de rente op de kortlopende middelen in het algemeen gunstiger is dan de rente op langlopende middelen.
De gemeente Krimpenerwaard werkt vanuit totaalfinanciering. Alle gemeentelijke inkomsten en uitgaven worden hierbij gesaldeerd voordat de gemeente zich op de geld- of kapitaalmarkt begeeft. In 2025 heeft de gemeente, conform het beleidsvoornemen, gewerkt met totaalfinanciering en heeft er geen projectfinanciering plaatsgevonden.
In de meerjarenbegroting 2025-2028 werd rekening gehouden met het aantrekken van een nieuwe geldlening in 2025 van € 65 miljoen. De financieringsbehoefte die is ontstaan in 2025 is ingevuld door middel van het aantrekken van kortlopende geldleningen van in totaal € 65 miljoen. Openstaande kortlopende geldlening per 31-12-2025 bedraagt € 25 miljoen.
Risicobeheer
In de Wet financiering decentrale overheden (Wet fido) zijn voor de beheersing van de renterisico’s de kasgeldlimiet en de renterisiconorm opgenomen.
Kasgeldlimiet
De gemeente mag haar activiteiten niet onbeperkt met kort geld financieren (looptijd korter dan 1 jaar). In de Wet fido is hiervoor de kasgeldlimiet opgenomen, waarmee een maximum wordt gesteld aan de netto kortlopende schuld. Reden hiervoor is dat een korte schuldpositie een potentieel renterisico in zich heeft, omdat rentestijgingen direct doorwerken in de rentelasten.
De kasgeldlimiet is in 2025 binnen de wettelijke norm gebleven.
Berekening kasgeldlimiet |
1e kwartaal |
2e kwartaal |
3e kwartaal |
4e kwartaal |
|---|---|---|---|---|
(bedragen x € 1.000) |
2025 |
2025 |
2025 |
2025 |
Grondslag: Begrotingstotaal (primitieve begroting) |
199.542 |
199.542 |
199.542 |
199.542 |
Toegestane kasgeldlimiet: |
||||
- relevant percentage (wettelijk voorgeschreven) |
8,5% |
8,5% |
8,5% |
8,5% |
In bedrag (1) |
16.961 |
€16.961 |
€16.961 |
€16.961 |
Liquiditeitspositie 2025: |
||||
- Kortlopende schuld (negatief betekent schuld) |
0 |
0 |
-8.333 |
-15.000 |
- Vlottende middelen (positief betekent tegoed) |
18.492 |
5.051 |
10.914 |
7.047 |
Vlottende middelen minus kortlopende schuld (2) |
18.492 |
5.051 |
2.581 |
(7.953) |
Ruimte (+) / overschrijding (-) (1+2) |
35.453 |
22.012 |
19.542 |
9.008 |
Bij een dreigende structurele overschrijding van de kasgeldlimiet worden nieuwe langlopende geldleningen aangetrokken.
Renterisiconorm
Deze norm heeft als doel het toekomstig renterisico te beperken door de aflossingen en renteherzieningen te spreiden. Voorkomen moet worden dat er in enig jaar een te grote concentratie plaatsvindt van aflossingen en renteherzieningen op lopende leningen. De renterisiconorm is gekoppeld aan het begrotingstotaal.
Berekening renterisiconorm |
Werkelijk |
|
|---|---|---|
(bedragen x € 1.000) |
2024 |
2025 |
Renterisico's (aflossingen op vaste schuld): |
||
- renteherziening op vaste schuld |
- |
- |
- aflossingen |
6.725 |
6.225 |
Renterisico |
6.725 |
6.225 |
Berekening renterisiconorm: |
||
Begrotingstotaal |
177.311 |
199.542 |
Bij ministerie vastgesteld percentage |
20% |
20% |
Renterisiconorm |
35.462 |
39.908 |
Toetsing renterisico aan norm: |
||
Renterisiconorm |
35.462 |
39.908 |
Renterisico |
6.725 |
6.225 |
Ruimte (+) / overschrijding (-) |
28.737 |
33.683 |
Uit bovenstaande opstelling blijkt dat het risico dat de gemeente loopt op haar vaste schuld beperkt is en ook in 2025 ruim binnen de norm is gebleven.
Leningenportefeuille
De schuldpositie van de gemeente wordt bepaald door de omvang van de portefeuille opgenomen geldleningen in combinatie met de debetstand op de rekening-courant. Onderstaande tabel geeft inzicht in de schuldpositie over 2024 en 2025.
Schuldpositie |
Werkelijk |
|
|---|---|---|
(bedragen x € 1.000) |
2024 |
2025 |
Onderhandse geldleningen binnenlandse banken |
||
- hoofdsom leningen per 1 januari |
89.925 |
83.200 |
- aflossingen afgesloten leningen t/m 2025 |
-6.725 |
-6.225 |
Hoofdsom leningen per 31 december |
83.200 |
76.975 |
In 2025 zijn geen langlopende geldleningen afgesloten. De financieringsbehoefte in ingevuld door middel van het aantrekken van kortlopende geldleningen.
De gemiddelde rente voor de totale leningenportefeuille bedraagt per 31 december 2025 0,92%. In 2020 is vanuit, de voormalige reserve Enecogelden een bestemmingsreserve “Overrente” gevormd voor een bedrag van € 5,8 miljoen. Jaarlijks wordt een deel van deze reserve ingezet als structurele dekking voor de begroting. In 2025 heeft een vrijval plaatsgevonden van afgerond € 0,48 miljoen.
Rentemethodiek en Renteresultaat
Voor de toerekening van rentelasten aan taakvelden wordt gebruik gemaakt van de rente-omslagmethode. Hierbij wordt het totaal van de rentelasten verdeeld over taakvelden op basis van de boekwaarden van de investeringen. De totale rentelasten hebben betrekking op betaalde rente van lang- en kortlopende geldleningen en worden verminderd met ontvangen rente op uitgezette gelden. Bij deze rentemethodiek wordt het totaal van de rente dus omgeslagen op basis van het totaal van de activa.
Rentetoerekening |
Begroot |
Werkelijk |
|||
|---|---|---|---|---|---|
(bedragen x € 1.000) |
2025 |
2025 |
|||
a. |
Externe rentelasten over korte en lange financiering |
3.196 |
912 |
||
b. |
Externe rentebaten over korte en lange financiering |
-648 |
-225 |
||
Saldo rentelasten en -baten |
2.548 |
687 |
|||
c1. |
Doorberekende rente aan grondexploitaties |
0 |
1 |
||
c2. |
Rente projectfinanciering |
0 |
|||
c3. |
Rentebaten van doorverstrekte leningen |
-125 |
-78 |
||
-125 |
-77 |
||||
Aan taakvelden toe te rekenen externe rente |
2.423 |
610 |
|||
d1. |
Rente over eigen vermogen |
||||
d2. |
Rente over voorzieningen |
||||
- |
0 |
||||
Totaal aan taakvelden toe te rekenen |
2.423 |
610 |
|||
e. |
De aan taakvelden toegerekende rente |
-2450 |
0 |
||
Boekwaarde activa welke integraal wordt gefinancierd |
|||||
(peildatum 01-01-2025, conform mjb. 2025-2028) |
175.000 |
179.320 |
|||
Voorcalculatorische rentepercentage begroting 2025 |
1,4% |
0,5% |
|||
Renteresultaat op taakveld Treasury (-/- = voordelig) |
-27 |
610 |
|||
In 2025 hebben de overtollige financieringsmiddelen gemiddeld circa € 7,9 miljoen bedragen. Deze overliquiditeit is in 2025 volledig ondergebracht bij ’s Rijks Schatkist. De overliquiditeit heeft in 2025 circa € 191.500 aan rentebaten gegenereerd.
Kredietrisicobeheer op verstrekte geldleningen en garanties en overige uitzettingen
In de Wet fido en het Treasurystatuut Gemeente Krimpenerwaard 2025 is als algemeen uitgangspunt vastgesteld dat leningen of garanties alleen uit hoofde van de publieke taak worden verstrekt. In de in 2025 vastgestelde gemeentelijke Beleidsregels leningen en garantstellingen zijn verdere voorwaarden opgenomen voor het verstrekken van leningen en garanties.
Kredietrisicobeheer richt zich op de kredietwaardigheid (en dus risicoprofiel) van de tegenpartij bij financiële transacties. Mede door tussenkomst van waarborgfondsen en/of andere financieringsregelingen loopt de gemeente een zeer beperkt risico bij uitstaande leningen en garanties.
Onderstaande tabel geeft inzicht in de verstrekte geldleningen en garantstellingen.
Omschrijving |
Werkelijk |
Werkelijk |
|---|---|---|
(bedragen x € 1.000) |
31-12-2024 |
31-12-2025 |
Verstrekte geldleningen: |
||
- Startersleningen SVn |
8.465 |
10.334 |
- Duurzaamheidsleningen (woningen) SVn |
1.286 |
1.428 |
- Stimuleringsleningen verduurzaming maatschappelijke accommodaties SVn |
359 |
334 |
- Leningen aan verenigingen en stichtingen |
- |
|
- Leningen aan woningbouwcorporaties |
4 |
3 |
Garanties: |
||
- Waarborgfonds Sociale Woningbouw |
133.348 |
145.495 |
- Overige gewaarborgde geldleningen |
321 |
276 |
Totaal |
143.783 |
157.870 |
De tijdelijke overtollige financieringsmiddelen zijn ultimo 2025, conform wet- en regelgeving, risicovrij gestald bij het ministerie van Financiën (schatkistbankieren). Op 31 december 2025 was een bedrag van circa € 3,3 miljoen aan tijdelijke overliquiditeit gestald.
Liquiditeitsrisico
Er is in 2025 gewerkt met een liquiditeitsprognose, welke regelmatig werd geactualiseerd. In 2025 was de toegang tot de kapitaalmarkt het gehele jaar gewaarborgd. Als gevolg hiervan waren er voldoende geldmiddelen beschikbaar om aan directe verplichtingen te voldoen.
Geldstromenbeheer
De geldstromen lopen hoofdzakelijk via de BNG Bank. De saldi van de rekeningen bij de andere banken wordt regelmatig overgeboekt naar de rekening bij de BNG Bank.
Relatiebeheer
De bancaire partijen waarmee de gemeente Krimpenerwaard zaken doet vallen onder toezicht van De Nederlandsche Bank en de Verzekeringskamer. In 2018 is een financieringsovereenkomst met de N.V. Bank Nederlandse Gemeenten (BNG Bank) afgesloten. Dit raamcontract voor een krediet- en depotarrangement en elektronisch betalingsverkeer wordt periodiek beoordeeld op inhoudelijke bepalingen en concurrerende condities. Hierbij dient te worden opgemerkt dat de BNG Bank een unieke plaats inneemt ten opzichte van andere banken, omdat voor het ontvangen van rijksuitkeringen een lopende rekening bij deze bank vereist is. Overigens worden de faciliteiten van de BNG Bank toereikend geacht en de condities marktconform.