Algemeen

Terug naar navigatie - A. Lokale heffingen - Algemeen

In deze paragraaf lichten wij het beleid met betrekking tot de gemeentelijke heffingen toe. Het BBV vraagt in deze paragraaf om per heffing een overzicht op te nemen van de taakvelden waarvan lasten in de heffing zijn meegenomen.

Algemeen

In de Nota Lokale heffingen 2024 is het huidige beleid met betrekking tot de gemeentelijke heffingen beschreven. De totale werkelijke opbrengst aan belastingen en overige heffingen bedraagt in 2025 circa 33,9 miljoen. In onderstaande tabel zijn de opbrengsten van de lokale heffingen weergegeven:

bedragen x € 1.000
Begroot *
Werkelijk
Verschil
%verschil
Onroerendezaakbelastingen
14.147
14.469
322
2,3%
Rioolheffing
6.724
6.740
16
0,2%
Afvalstoffenheffing
7.660
7.720
60
0,8%
Toeristenbelasting
328
435
107
32,6%
Lijkbezorgingsrechten
1.105
1.243
138
12,5%
Leges
2.717
3.606
889
32,7%
Marktgelden
44
42
-2
-4,5%
Havengelden
95
61
-34
-35,8%
Kwijtschelding
-376
-422
-46
12,2%
32.444
33.894
1.450
4,3%
* Dit betreft de Begroting 2025 inclusief de begrotingswijzigingen

Het SVHW (Samenwerkingsverband Vastgoedinformatie Heffing en Waardebepaling) verzorgt de uitvoering van diverse heffingen voor de gemeente.

Kostendekkendheid
Bij diverse heffingen mogen de geraamde baten niet hoger zijn dan de geraamde lasten. Bij de toe te rekenen kosten worden onder andere de kwijtschelding, de kosten van het SVHW en de kosten van toezicht meegenomen. De beleidsuren en uren van handhaving worden hierin niet meegenomen. Voor de belastingen geldt deze wettelijke eis niet. De opbrengst van de belastingen komt in de algemene middelen van de gemeente terecht.

In verband met de BBV-voorschriften kijken we ook terug naar de in de begroting berekende kostendekkendheid van de heffingen. De kostendekkendheid is berekend voor afrekening naar de reserves en voorzieningen.

Kostendekkendheid
Begroot
Werkelijk
Afvalstoffenheffing
99,5%
104,3%
Rioolheffing
86,0%
91,0%
Leges hst.1 Alg. dienstverlening
74,7%
72,1%
Leges hst.2 Omgevingswet
90,8%
74,0%
Leges hst.3 Horeca
4,6%
3,1%
Leges hst.3 Evenementen
3,9%
2,4%
Leges hst.3 Standplaatsen
44,6%
36,8%
Leges hst.3 Kinderopvang
8,5%
7,9%
Lijkbezorgingsrechten
58,2%
57,8%
Marktgelden
60,6%
61,0%
Havengelden
70,2%
57,1%

1. Onroerende-zaakbelastingen (OZB)

Terug naar navigatie - A. Lokale heffingen - 1. Onroerende-zaakbelastingen (OZB)

De OZB bestaan uit een eigenarenbelasting voor woningen en een eigenarenbelasting en gebruikersbelasting voor niet-woningen. De WOZ-waarde van alle onroerende zaken wordt jaarlijks vastgesteld. De hoogte van de OZB is een combinatie van de WOZ-waarde van een pand en het vastgestelde tarief. Voor het bepalen van de tarieven wordt gebruik gemaakt van de WOZ-waarden volgens opgave van het SVHW.

De begrotingswijziging in de tweede tussenrapportage is per abuis verkeerd geboekt. Daardoor bedraagt de afwijking nu 2,27% op het totale bedrag.  Bij een juiste boeking  bedraagt de  afwijking  slechts 0,10% op het totaal van € 14,5 miljoen. 

2. Rioolheffing

Terug naar navigatie - A. Lokale heffingen - 2. Rioolheffing

De rioolheffing is een heffing om het beheer en het onderhoud van het gemeentelijk rioolstelsel te bekostigen. Uitgangspunt is dat de tarieven op totaalniveau kostendekkend zijn. De hoogte van de rioolheffing wordt bij woningen bepaald door de grootte van het huishouden (een- of meerpersoonshuishouden) en bij niet-woningen door de WOZ-waarde.

Bij de rioolheffing wordt de kostendekkendheid weer 100% door de onttrekking aan de egalisatievoorziening. Dit jaar zijn de uitgaven bij tractie en openbare werken hoger uitgevallen dan begroot; er zijn echter ook iets meer inkomsten dan begroot  en er zijn er lagere rentekosten dit jaar. De werkelijke onttrekking aan de egalisatievoorziening bedraagt daarom in 2025 circa € 667.000  in plaats van € 1.090.000 welke was begroot. 

3. Afvalstoffenheffing

Terug naar navigatie - A. Lokale heffingen - 3. Afvalstoffenheffing

De afvalstoffenheffing is een heffing om het ophalen en verwerken van de huishoudelijke afvalstoffen te bekostigen. Uitgangspunt is dat de tarieven op totaalniveau kostendekkend zijn. Deze heffing bestaat uit een vast deel en een variabel deel. Voor het restafval wordt een tariefdifferentiatie (diftar) toegepast; per inworp in de ondergrondse container en per lediging van een restafvalcontainer.

Dit jaar is er een voordeel ontstaan op het taakveld afval. Er zijn meer inkomsten van de materialen die gerecycled worden maar er waren ook iets meer ledigingen dan begroot; daarnaast zijn er op dit taakveld lagere rentelasten. 

Het voordeel van circa € 320.000 wordt, conform bestaand beleid, gestort in de egalisatievoorziening afval. 

 

4. Toeristenbelasting

Terug naar navigatie - A. Lokale heffingen - 4. Toeristenbelasting

De toeristenbelasting is een algemene belasting voor personen die hier overnachten tegen een vergoeding. De opbrengst is afhankelijk van het aantal overnachtingen in de gemeente, waardoor de opbrengst per jaar varieert. 

We verantwoorden in de jaarrekening 2025 de te verwachten opbrengst over 2025 plus de afrekening over 2024. De opbrengst 2025 is nog niet gerealiseerd, omdat de aanslagen pas verstuurd kunnen worden na afloop van het jaar.  De inkomst in 2025 wordt geschat op € 357.000. Dit is € 29.000 meer dan begroot. 

De afrekening over 2024 viel circa € 77.500 positiever uit dan verwacht.   De totale inkomst in 2025 bedraagt daardoor ruim € 434.000.

5. Lijkbezorgingsrechten

Terug naar navigatie - A. Lokale heffingen - 5. Lijkbezorgingsrechten

Lijkbezorgingsrechten worden geheven voor het gebruik van de begraafplaatsen en voor verleende diensten in verband met de begraafplaatsen.

Er hebben dit jaar meer begrafenissen plaatsgevonden dan begroot waardoor de inkomsten hoger uitvallen. De uitgaven zijn daardoor ook hoger uitgevallen waardoor de kostendekkendheid niet is toegenomen. 

De inkomsten voor de aankoop van een particulier graf worden gestort in de daarvoor bestemde reserve. In 2025 betrof dit ruim € 298.000. Dit valt niet in het saldo van de jaarrekening. De afkoop van het onderhoud valt ook niet in het saldo en wordt gestort in de voorziening, omdat het gelden van derden zijn. Jaarlijks valt hiervan een deel vrij voor het onderhoud van de begraafplaatsen.

6. Leges

Terug naar navigatie - A. Lokale heffingen - 6. Leges

Voor een gemeentelijke taak die in de vorm van een dienst door bewoners of bedrijven afgenomen wordt, wordt leges betaald. Door de diversiteit van diensten is de legesverordening onderverdeeld in drie hoofdstukken.

Hoofdstuk 1: In de tweede tussenrapportage is aangegeven dat de beveiligingskosten hoger uitvallen in 2025.  De kostendekkendheid is daardoor lager.
Hoofdstuk 2: De inkomsten van de omgevingsvergunningen (bouwleges) zijn hoger uitgevallen dan begroot was bij de  tweede tussenrapportage 2025. Dit komt doordat er aan het einde van het jaar toch nog voor een aantal grote projecten vergunningen zijn aangevraagd.  De inkomsten zijn echter wel lager dan primitief was begroot; de kostendekkendheid komt nu uit op 74%.  
Hoofdstuk 3: De legesinkomsten zijn lager uitgevallen dan begroot, onder andere bij de evenementen. Ook vallen steeds meer aanvragen onder de legesvrijstelling. Het aantal standplaatsen (verkooppunten buiten de marktdagen) is afgenomen. De kostendekkendheid neemt hierdoor af. 

7. Marktgelden

Terug naar navigatie - A. Lokale heffingen - 7. Marktgelden

Voor het innemen van een standplaats op de markt worden marktgelden geheven. De inkomsten  zijn iets lager dan begroot.  Maar omdat ook de kosten lager zijn dan begroot blijft de kostendekkendheid nagenoeg gelijk. 

8. Havengelden

Terug naar navigatie - A. Lokale heffingen - 8. Havengelden

Havengelden worden geheven van vaartuigen die gebruik maken van de havens  in Schoonhoven en Ouderkerk aan den IJssel. Daarnaast worden er vergoedingen gevraagd voor het gebruik van energie en water. De schippers melden zich aan via de app ShipAssist. De inning van de havengelden en de kosten voor energie en water worden geïnd door SAB.

Tot en met 2024 werden de reserveringskosten in rekening gebracht bij het reserveren van een ligplaats en de havengelden na vertrek uit de haven.  De reserveringskosten zijn nu opgenomen in de tarieven havengelden en worden daardoor later in rekening gebracht.

Er zijn meer inkomsten als gevolg van verhuur steiger/haven, maar de overige inkomsten bleven achter op de begroting. Dit komt met name doordat de schepen de reserveringskosten niet meer vooraf afrekenen. Ook zijn de kosten dit jaar hoger door de nieuwe app. De kostendekkendheid valt hierdoor iets lager uit dan begroot. In 2026 is met deze factoren al rekening gehouden. 

9. Kwijtschelding

Terug naar navigatie - A. Lokale heffingen - 9. Kwijtschelding

Mensen met een minimuminkomen en geen of weinig vermogen kunnen in aanmerking komen voor kwijtschelding van diverse lokale heffingen. Er is dit jaar meer kwijtschelding verleend dan was begroot.  Dit jaar zijn er meer aanvragen ingediend (en toegekend) dan het jaar daarvoor. Daardoor is ook het totale bedrag aan kwijtschelding toegenomen. Het aantal bijstandsgerechtigden is in 2025 toegenomen dus zijn er ook meer mensen die recht hebben op kwijtschelding. 

10. Bedrijveninvesteringszone-heffingen (BIZ-heffing)

Terug naar navigatie - A. Lokale heffingen - 10. Bedrijveninvesteringszone-heffingen (BIZ-heffing)

Een bedrijveninvesteringszone is een afgebakend gebied zoals een winkelgebied of een bedrijventerrein waarbinnen ondernemers en/of de eigenaren samen investeren in de kwaliteit van hun bedrijfsomgeving. Voor de BIZ-heffing treedt de gemeente op als dienstverlener. De opbrengst wordt uitgekeerd aan de BIZ-stichtingen en is daarom niet opgenomen bij het overzicht van de totale inkomsten. Deze stichtingen zorgen voor de plannen en de uitvoering ervan. Er is een BIZ-heffing voor het centrum van Bergambacht, een BIZ-heffing voor bedrijventerrein De Wetering in Bergambacht en een BIZ-heffing voor het centrum van Schoonhoven.

11. Woonlasten

Terug naar navigatie - A. Lokale heffingen - 11. Woonlasten

De woonlasten bestaan uit de OZB, de afvalstoffenheffing en de rioolheffing. In de onderstaande tabel is de lastendruk in de gemeente Krimpenerwaard in 2024 en 2025 weergegeven, voor zowel eigenaar-gebruikers als voor huurders. Het uitgangspunt is een meerpersoonshuishouden.

Krimpenerwaard
Koopwoning
Huurwoning
Meerpersoonshuishouden
Meerpersoonshuishouden
2024
2025
2024
2025
OZB*
€330,00
€346,00
n.v.t.
n.v.t.
Afval**
€341,05
€343,00
€341,05
€343,00
Riool*
€268,80
€275,00
€268,80
€275,00
€939,85
€964,00
€609,85
€618,00
* Er is uitgegaan van een WOZ-waarde van € 378.000 in 2024 en € 394.000 in 2025.
** Er is uitgegaan van 9,6 ledigingen in 2025.